Column november 2006 - Autokrakers
Het zal je maar gebeuren. Je loopt ’s ochtends vroeg nog met je slaperige hoofd naar je auto. Vreemd, het portier staat open... Je kijkt door het raampje en ziet tot je afgrijzen een diepe krater, waar eens de autoradio zat. De lekkere pepermuntjes zijn weg, evenals je favoriete CD. Conclusie: je hebt bezoek gehad van een autokraker. Dat is diep zuchten en dan de politie bellen.
Ik krijg regelmatig bezoek van autokrakers, ze zitten zelfs aan mijn tafel. Mijn eigendommen en ik zijn echter veilig, want gelukkig gedragen ze zich naar mij niet crimineel. Ze begaan wel een misdaad tegen hun eigen menselijkheid. Ze kraken zichzelf, vaak heftig en met overtuiging! Dat is lastig, vooral als ze moeten solliciteren of acquireren.
Het is ook geen wonder. Generaties lang hebben we geleerd onze kop beneden het maaiveld te houden, uit angst voor afhakken, terwijl het daarboven zo mooi is! Bovendien horen we dat hoge bomen veel wind vangen en dat als je voor een dubbeltje geboren bent, je het verder wel kunt schudden. Daarbij hebben veel mensen geleerd dat eigen roem stinkt. Als je in hun gezelschap iets positiefs over jezelf zegt, zetten ze demonstratief het raam open. En ouders zeggen regelmatig tegen hun kinderen: ‘doe maar gewoon, dan doe je gek genoeg’. In plaats van ‘doe toch eens bijzonder!’
|
|
In de perceptie van autokrakers is er geen verschil tussen oprecht vertellen waar je goed in bent en jezelf de hemel in prijzen. Opscheppen is taboe, dan alles maar hartstochtelijk afkammen. Ondertussen zeggen ze wel waarin ze zich onderscheiden van anderen, alleen dan in het negatieve.
Krijg ik zo’n kraker eindelijk zover dat hij iets positiefs over zichzelf zegt, dan zwakt hij vaak het mooie meteen weer af. ‘Ach, dat is toch niet bijzonder?’ ‘Dat kunnen hele volksstammen!’ of ‘Ik ben weliswaar een goede manager, maar ik krijg wel vaak ruzie’. ‘Ik ben goed in organiseren, maar toch wordt het soms een zooitje.’
Binnenkort organiseer ik een exclusieve middag voor autokrakers in Artis. We gaan daar de kunst afkijken bij de dieren. Die weten prima hoe zij zichzelf kunnen profileren. Borstkloppen bij de gorilla’s, opblazen bij de kikkers, pronken bij de pauwen en je nek uitsteken bij de giraffes. De kameleons slaan we over. Zin om mee te gaan? |
Eerder op deze site verschenen columnsFebruari 2008 - Vaagheid troef |