Column juni 2006 - Aai over je bol
De leidinggevende hield zich afzijdig van de groep, zijn gezicht op slot. De trainer liep naar hem toe en zei dat hij zijn ondergeschikte vaker moest belonen. Deze boodschap drong blijkbaar niet goed door. Bij de volgende oefening riep de baas met overslaande stem naar zijn mindere: ‘Foei, wanneer luister je eindelijk? Je bent asociaal!’ Zo baas, zo hond, dat werd me goed duidelijk. En als de man eindelijk eens zijn hond een klopje gaf, leek dat akelig veel op slaag.
|
Bij de behendigheidstraining wordt elke keer een ander parcours uitgezet, door een slurf, over een wip, zigzaggen langs paaltjes enz. Je ziet dat als de baas de weg niet goed weet, zich dat meteen vertaalt in het gedrag van de hond. De ene baas geeft zichzelf de schuld, de ander foetert de hond uit. Het ene team klit aan elkaar, hetgeen de snelheid vertraagt. Bij een ander paar haakt de hond plotseling af en gaat uit verveling rondsnuffelen. En bij weer een ander duo straalt het plezier in de samenwerking ervan af.
Een hond is, volgens de trainer, niets anders dan lichaamstaal. Je moet als baas goed kunnen kijken. Daarbij moet je consequent zijn en eenduidige opdrachten geven, verbaal, maar zeker ook non-verbaal. Ook de baas moet duidelijke non-verbale taal tonen, een wat onderontwikkeld gebied. Maar handig, mèt of zonder hond.
De trainer ging precies zo positief om met de bazen als met hun honden. Mooi om te zien. Na afloop van de les liep hij met zijn eigen vrolijke hondje het parcours. De choreograaf en de danser. Een geweldig team. Hij was absoluut de baas, duidelijk, met respect en liefde. En zij? Ze kwispelde. |
|
Eerder op deze site verschenen columnsFebruari 2008 - Vaagheid troef |